Nederlanders.fr

Hèt netwerk van, voor en door Nederlandstaligen in Frankrijk - zegt het voort!

NEDERLANDS ONDERAAN

 En route pour le Beau-Jolais, où je donnerai à partir d’aujourd’hui mon premier ‘Vivez la France !’ depuis plus d’un an, j’ai bien sûr fait escale à Besançon, chez mes parents. Pendant le dîner (salade d’avocat, gigot d’agneau aux chanterelles grises, tarte aux pommes maison et raisin muscat…), nous avons parlé des anciennes techniques de pêche à pied, une occupation favorite des Français du littoral. Mon père est né à Lion-sur-mer (bourgade plus connue pour son nom de guerre : Sword Beach), et il a beaucoup pêché avec mon grand-père. Les moules sur les récifs, à l’occasion des grandes marées, les étrilles et leurs grands cousins, les tourteaux, les coques, que l’on fait remonter en piétinant le sable, et les couteaux, pêchés en saupoudrant du sel, et bien d’autres encore. Mais nous avons surtout parlé des bocains, des étalières et des marées engelées. La pêche aux bocains – ou ‘lignes dormantes’ – est simple comme bonjour : il suffit, à marée basse, de planter des planchettes de bois verticalement dans le sable, et d’y fixer une ligne, un hameçon et son appat. La marée monte, le poisson happe l’appat, et il ne reste qu’à le ramasser à marée basse. Cette technique était plus ou moins la seule tolérée par les Allemands pendant la guerre – les bateaux étaient interdits. Une autre technique, demandant plus de matériel, mais source de pêches miraculeuses après la guerre, lorsque les eaux étaient redevenues très poissonneuses, est celle des étalières : de grands filets fixés à des poteaux verticaux, perpendiculairement à la mer et sur une quinzaine de mètres. À marée haute, les bancs de harengs longeant la côte s’y prennent et il suffisait d’aller les ‘cueillir’ à marée basse. Mon père m’a dit que voir, aux lueurs de l’aurore, ces dizaines de poissons chatoyants comme nageant dans l’air, était un des plus beaux spectacles qui soit. Et puis, les marées engelées. L’hiver était parfois très rude, si rude que, parfois, la mer gelait sur quelques dizaines de mètres aux abords de la plage et les poissons plats (soles, carrelets, turbots, limandes et plies) et les crustacés (étrilles, homards, tourteaux…) s’échouaient, frigorifiés, sur le sable. Il suffisait de les ramasser…

Il y a longtemps que cette abondance n’est plus. Mais pour mon père, c’était hier.

NL/ Op weg naar de Beau-Jolais streek, waar ik mijn eerste "Vivez la France!" in meer dan een jaar zal geven, stopte ik in Besançon, bij mijn ouders thuis. Tijdens het diner (avocadosalade, lamsbout met grijze cantharellen, huisgemaakte appeltaart en muskaatdruiven...) spraken we over de oude technieken van de ‘pêche à pied’ (vissen op het strand), een favoriete bezigheid van de Franse kustbevolking. Mijn vader is geboren in Lion-sur-mer (een stadje dat beter bekend is vanwege zijn naam in oorlogstijd: Sword Beach), en hij viste veel met mijn grootvader. Mosselen op de riffen, bij vloed, allerlei krabben, kokkels, die naar boven worden gehaald door het zand te vertrappen, en ‘couteaux’ (lange schelpdieren) die worden gevangen door zout te strooien, en nog vele andere. Maar we hebben het vooral gehad over ‘bocains’, ‘étalières’ en ‘marées engeléesp. Vissen met bocains - of "slapende lijnen" - is zo eenvoudig als wat: bij eb steek je gewoon houten planken verticaal in het zand en bevestig je er een lijn, een haak en aas aan. Als het tij opkomt, zullen de vissen het aas grijpen, en dan rest er niets anders dan ze bij eb op te halen. Dit was min of meer de enige techniek die door de Duitsers tijdens de oorlog werd getolereerd - boten waren verboden. Een andere techniek, waarvoor meer materiaal nodig is, maar die na de oorlog, toen het water weer zeer visrijk was geworden, wonderbaarlijke vangsten heeft opgeleverd, is die van de ‘étalières’: grote netten die aan verticale palen zijn bevestigd, loodrecht tegenover de zeellijn en over een afstand van ongeveer vijftien meter. Bij vloed werden de scholen haring langs de kust daar gevangen en men hoefde maar ze bij eb te gaan ‘plukken’. Mijn vader vertelde mij dat het een van de mooiste schouwspelen was om in het licht van de dageraad die tientallen glinsterende haringen in de lucht te zien ‘zwemmen’. En dan, de ‘marées engelées’ (ijskoude getijden). De winter was soms zeer streng, zo streng dat de zee enkele tientallen meters aan de rand van het strand bevroor en de platvissen (tong, schol, tarbot, schar en bot) en de kreeften en krabben, halfbevroren, op het zand strandden. Het enige wat je moest doen was ze oprapen...

Deze overvloed is al lang verdwenen. Maar voor mijn vader, was dit gisteren.

Weergaven: 364

Rubrieken,

Klik hieronder voor meer berichten in dezelfde rubriek.

20211016, Cursussen en Opleidingen, Korte Verhalen, Kunst en Cultuur

Reactie van Dia op 16 Oktober 2021 op 10.16

Een mooi verhaal weer. Mijn man vist vaak aan het strand en de zeebaars zit alweer in de vriezer en onze buik.

Je reactie hieronder, dit zijn de huisregels. 

Je moet lid zijn van Nederlanders.fr om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Nederlanders.fr

GA DIRECT NAAR:

ENTREPRISE | SPONSORS

© 2022   Gemaakt door: Anton Noë, beheerder en gastheer.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Privacybeleid  |  Algemene voorwaarden