WebT@lk KennisC@fé
 
AANKONDIGING

Nederlanders.fr

Hèt netwerk van, voor en door Nederlandstaligen in Frankrijk - zegt het voort!


De inleiding:
Mijn opa, van moeders zijde, is in Duitsland geboren en als jonge man naar Nederland getrokken. Waarschijnlijk gewoon omdat zijn kansen daar groter waren. De Dreesmannen en Brenninkmeijers deden dat ook. Misschien ook, zag hij de eerste wereldoorlog aankomen en had hij daar niet zo’n zin in, ik weet het niet.

Dat mijn oma, ook van moeders zijde, ook van oorsprong Duitse was merkte ik pas toen ze 99 was. Er kwam niet veel verstaanbaars meer uit, maar ze zong prachtige Duitse kinderliedjes. Die oma is de eerste mens, uit mijn kring, die ik “verdenk” van “uitstappen”. Honderd worden wilde ze beslist niet en een paar dagen voor die datum was het dus afgelopen.

Klopt, ik ben dus in Nederland een derde generatie allochtoon en in Frankrijk een eerste generatie allochtoon.

Die opa was een echt familie-mens en veranderen dat deed hij niet graag.
Daarom hadden wij ieder jaar een familie-feest en altijd in hetzelfde “etablissement”. Toen opa dood was ging oma door met die traditie, maar eens in de vijf jaar en telkens ergens anders. Toen wij oma, na het feest van haar 90-ste verjaardag, om 01.00 uur naar huis wilde brengen had ze een verzoek. Of we nog een biertje konden gaan drinken in een café, dat deden we dus.

Van opa’s ziekbed kan ik mij nog het één en ander herinneren. Hij lag in het Dijkzicht Ziekenhuis, in z’n eentje op een drie-persoons kamer. “Boudewijn, hoe laat is het?” U heeft toch zelf een horloge opa. “Vertel nu maar hoe laat het is.” [Weet ik niet meer.] “Laten we van horloge ruilen, want als ze straks gaan verdelen gaat alles naar de familie T.” Vanaf dat moment liep ik met een gouden Longines rond en opa had mijn goedkope ..... . Kort daarna, op opa’s begrafenis komt neef Ben naar mij toe. “Kijk zei hij trots, ik heb opa’s horloge gekregen.” Ik heb het geheim heel lang bewaard.

Van opa’s begrafenis kan ik mij verder weinig herinneren, maar van die van oma des te meer. Het was één groot en super gezellig, maar vooral warm, feest. Jawel, in de kerk en ook op de begraafplaats. Toen we het daar niet langer konden rekken stelde mijn jongste oom voor om het er nog één keer van nemen. Op oma’s kosten gniffelde hij er achter aan. Een lange stoet auto’s reed naar? ja waarnaar toe eigenlijk? Mijn oom reed voorop en reed naar opa’s “etablissement”. De parkeerplaats was in één klap bijna vol, het “etablissement” was aardedonker en nu getooid met een toekan. De uitgelaten familie klopte op alle bereikbare deuren en ramen. En ja hoor daar verscheen iemand. Oom vertelde van opa, van alle familie-feesten en nog zowat. Het antwoord was simpel: Jullie zijn welkom, maar ik ben alleen, alles gaat dus wat langzaam. Wat een geweldige man! De mooiste herinneringen had ik aan de salonboot waarmee we in de tijd van opa altijd een tochtje mee maakte. Hij lag er nog.

En verder over hun dochter, mijn moeder:
De man die mijn vader zou worden was protestant, zijn geliefde Rooms Katholiek. Ze vonden elkaar heel aardig, maar van een huwelijk kon geen sprake zijn. Twee geloven op één kussen, daar slaapt de duivel tussen. Hij begon als een gek de catechismus uit zijn hoofd te leren en het onze vader op z’n rooms. Op een legeroefening kwam hij een Roomse aalmoezenier tegen en hij werd op het veld, uit z’n eigen veldfles, gedoopt. Zo, die drempel was genomen.

Er kwam een jongen, een meisje en weer een jongen. Mama stopte veel energie in haar kinderen en het huishouden en het liep, ondanks de oorlog, op rolletjes. Een kapelaan vertelde mijn vader dat onze lieve heer veel kindertjes wenste, maar hij dacht/vond ook dat “op tijd de kerk verlaten” toegestaan was. Er volgde een meisje dat nooit het gevoel heeft gehad welkom te zijn. Mama vulde haar tijd met tennissen, hele lange skivakanties met vriendinnen en het geven van lijfstraffen. Ze was eigenlijk niet zo geschikt als moeder, zeker niet als moeder van vier kinderen, zou je kunnen concluderen.

Vijf jaar na dat tweede meisje volgde weer een jongetje (ikke). Over mijn jeugd is weinig bekend, ik heb simpelweg bijna alles verdrongen. Weer zeven jaar later volgde mijn jongste zusje. Haar geboorte kaartje was een bijlage bij het jubel verhaal over een nieuw huis met een enorme tuin. In die tuin stond een grote, sterke, drie-voudige berk. Als ik de wereld ontvluchte zat ik onzichtbaar bovenin mijn berk. Ik was een lastig jongetje en een zeer lastige leerling. Hoe kwam dát nou toch?

In 1980, op een Franse bergweg werd mijn vader voor de keus gesteld. Frontaal tegen een vrachtwagen die de bocht afsneed of tegen een boom. Het werd de boom en een dikke week later was de crematie. Hij heeft precies één keer z’n AOW ontvangen. Die crematie was geen feest. Vooral ik, had mijn vader nog veel te vertellen (gehad).

Na een flitsend snelle periode van rouw ging mijn moeder opnieuw de wereld verkennen. Ze knalde, als het ware, van de ene verhouding in de andere en dat hield ze zo ongeveer dertig jaar vol. Toen ik haar condoleerde met het overlijden van een Zwitser, waarvan ik dacht dat het derde na mijn vader was repliceerde zij: Hoe kom je daar nu bij het was minstens de zesde. En dat is al heel lang geleden.

Mijn moeder woonde sinds 1975 in Andorrà en had daar veel vrienden en vriendinnen. Haar Nederlandse vrienden waren langzamerhand van haar vervreemd of overleden. Zo ongeveer rond haar negentigste vond mijn broer het beter dat ze weer in Nederland kwam wonen. Aldus geschiedde. Negentig zijn en in één klap al je vrienden en kennissen kwijt zijn, dat is niet leuk. Ik heb haar hartsvriendin Mary (zwaar gehandicapt, aan huis gebonden) in Andorra ooit bezocht. Mary was boos, teleurgesteld, alleen en toch levenslustig.

Mijn moeder heeft vanaf dag één in Nederland duidelijk gemaakt dat ze het niet zo meer zag zitten. Het mantra “ik wil dood en alles doet pijn” werd steeds vaker uitgesproken. Op het laatst was dat het enige nog wat ik te horen kreeg als ik belde.
Mijn antwoord “stop met alle medicijnen” werd niet op prijs gesteld. Dat mag niet van onze lieve heer zei ze. Waar kwam dat geloof plotseling vandaan?

Zondag 25 februari 2018 is mama honderd-en-twee geworden en de dag daarna, enkele minuten na middernacht, overleden. Ze is een natuurlijke dood gestorven. Haar lichaam is aan de wetenschap gedoneerd, dus een feestje wordt er niet gevierd. Mocht er een hemel zijn, dan hoop ik dat Petrus een oogje toeknijpt en haar een mooi plekje geeft.

Ik ben mijn zusje Patricia, nummer vier, zeer dankbaar voor de liefde en de tijd die ze onze moeder de laatste jaren gegeven heeft. Patricia, dank je wel, je bent een warm en fijn mens.

Weergaven: 2139

Rubrieken,

(klik hieronder voor meer berichten in dezelfde rubriek)

20180301, Ouderverzorging

Reactie van Jos van den Hout op 2 Maart 2018 op 5.52

Boudewijn. Uit het leven gegrepen. Bedankt hier voor, en heel veel sterkte met het verlies.

Reactie van Jan Linnemann op 2 Maart 2018 op 13.33

Boudewijn. Mijn condoleances. Mooi dat je het allemaal opgeschreven hebt. Een zeer indrukwekkend familieverhaal.Zo zie je maar. Was het water en de notarisboot aan Kralingse- of de Bergsche plas? In ben in Hillegersberg geboren.

Reactie van yolanda op 2 Maart 2018 op 15.47

Ook mijn condoleances, Boudewijn. Maar wat heeft dit met Frankrijk van doen? Behalve dan dat jij in Fr. woont. Groet,yolanda

Reactie van Jan en Jolande op 2 Maart 2018 op 17.21

Triest, als er een einde komt aan een leven! Stof tot nadenken ook,

Een duidelijke beschrijving van hoe het is om deel uit te maken van een groot katholiek gezin. Zeker als je bij de laatste kinderen behoort. En zoals mijn schoonmoeder zei, die laatsten hadden er eigenlijk niet moeten zijn.

Met bewondering voor de verwoording van je gevoelens!

Reactie van Boudewijn Bolderheij op 3 Maart 2018 op 9.01
.
Mijn hartelijke dank voor alle positieve reacties.

Boudewijn
Reactie van Boudewijn Bolderheij op 3 Maart 2018 op 9.12

.
Dag Jan,
Het heette Plaswijck en lag aan de Bergse plas.
Google meldde mij dat het in 2012 gesloten is.

Boudewijn

Reactie van Boudewijn Bolderheij op 3 Maart 2018 op 9.16

.
Dag Gerard,
Het is duidelijk dat je je enorm ingehouden hebt.
Ook daarvoor mijn dank.

Boudewijn

Reactie van Jan Linnemann op 7 Maart 2018 op 10.24

Dag Boudewijn. Ja. Plaswijk. ben ik vaak geweest als de familie van moeders kant wat te vieren had. Koffietafel was reuze populair. Plaswijk bestaat nog wel , maar in een andere vorm. Vroeger gingen mijn broer en zussen zwemmen in openlucht / natuurzwembad 't Zwarte plasje. Paar jaar geleden hadden mijn 2 broers en ik een dagje Rotterdam en dan vooral Hilgersberg gedaan. Zwembad is er nog steeds in volle glorie. Mijn vader was eind 1920 en in de 30'er jaren lid van de Rotterdamse Zeilvereniging op de Kralingse plas. Hij had samen met zijn broer een van de eerste BM zeilboten. BM nr 6. Aantal wedstrijden en prijzen gewonnen. Bon journé.

Je reactie hieronder, dit zijn de huisregels. 

Je moet lid zijn van Nederlanders.fr om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Nederlanders.fr

WELKOM BIJ ONS FORUM

✔️ PLAATS BERICHT

✔️ PLAATS ADVERTENTIE

✔️ BEKOSTIGING

  * = inloggen nodig

GESELECTEERD

Foto's

  • Foto's toevoegen
  • Alles weergeven

© 2021   Gemaakt door: Anton Noë, beheerder en gastheer.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Privacybeleid  |  Algemene voorwaarden

Anton Noë ...