www.nederlanders.fr

Hét netwerk van, voor en door Nederlandstaligen in Frankrijk


In de Nederlandse Staatscourant van 30 oktober zijn de woonlandfactoren voor 2019 bekendgemaakt. Zie staatcourant-woonlandfactoren-2019.pdf.


De Toelichting...


Voor Frankrijk gaat de woonlandfactor, die in 2018 fors steeg, in 2019 bijna terug naar het niveau van 2017. Dat zullen de verdragsgerechtigden in Frankrijk dus merken in het hogere nettobedrag dat zij aan AOW, pensioen of uitkering zullen ontvangen (en in een lager bedrag van een eventuele zorgtoeslag).

Uit de Toelichting blijkt dat er voor 2019 een nieuwe berekeningsmethode is gehanteerd. Vroeger werd uitgegaan van de door de lidstaten opgegeven gemiddelde zorgkosten (voor Frankrijk in het jaar 2014). De nieuwe berekeningsmethode is gebaseerd op de cijfers die de World Health Organization jaarlijks publiceert. De Toelichting zegt daarover: "Ten opzichte van de huidige bronnen zijn de gegevens van de WHO een stabiele, onafhankelijke, toegankelijke en betrouwbare bron van informatie over zorgkosten in vrijwel alle landen. Het gebruik van gegevens van de WHO heeft ook als voordeel dat de woonlandfactoren kunnen worden geactualiseerd naar de meest recente cijfers en dat voor alle landen hetzelfde referentiejaar geldt." Dat laatste is nu niet het geval. Zo werd tot nu toe voor Marokko uitgegaan van de zorgkosten in 2002 (!) en voor Tunesië in 2006. De woonlandfactor voor deze beide landen stijgt met de nieuwe berekeningsmethode daardoor respectievelijk 54% en 35%. Eind 2019 zal de methode met het oog op de toekomst worden geëvalueerd.

De VBNGB* (Vereniging Belangenbehartiging Nederlandse Gepensioneerden in het Buitenland) heeft de woonlandfactoren voor Nederlanders in alle betreffende landen voor 2017, 2018 en 2019 op een rijtje gezet. Voor Frankrijk bedragen die: 0,8316 (2019), 0,9262 (2018) en 0,8245 (2017).

* De talrijke informatie voor Nederlanders in het buitenland op de VBNGB website (waaronder de column van EU-deskundige Jan de Voogd) is alleen toegankelijk voor leden. Lidmaatschap € 50 per jaar.


Weergaven: 2751

Tags: (Klik voor berichten in dezelfde rubriek) 20181104, Geldzaken, Overheid

Reactie van Max Boret op 6 November 2018 op 15.32

Nee hoor Theodora, ik heb nog geen AOW, gelukkig duurt het nog een paar jaar.

En ik snap nog steeds niet waarom je (desnoods in verhouding) geen aftrekposten mag opvoeren over het Nederlands belastbaar inkomen. Als de belastingen in Nederland een beetje rechtvaardig waren had ik er nog begrip voor, maar als je ziet wat ik belast wordt voor die 44%, begrijp ik de rechtvaardiging niet. Gelukkig kan ik het ook allemaal wel betalen, maar voor die 44% Nederland 10 keer zo veel belasting betalen als voor 56% in Frankrijk, kan er bij mij niet in.

Reactie van Gerard Albus op 6 November 2018 op 16.00
Even nog voor Theodora, mijn vrouw en ik hebben 100% inkomen vanuit Nederland waarvan o.a. de AOW, dus denk ik dat we de bekende 90% wel halen. Voor nu betalen we nog belastingen aan Nederland, maar zijn pas afgelopen juli officieel in Nederland uitgeschreven. Voor ons nog heel wat werk voor de boeg, zoals CPAM die alleen voor m'n vrouw nu alles voor elkaar heeft en voor mij nog steeds niets hebben ontvangen dan alleen een tijdelijk nummer. gelijk aangevraagd, maar net zoals omzetten van de rijbewijzen blijken de stapels bij de CPAM ook maar steeds hoger te worden met vertragingen van dien. Toch dank voor je positieve bijdrage hier, ben inmiddels behoorlijk wijzer geworden.
Reactie van Theodora Besse op 6 November 2018 op 16.35


Volgens het arrest Gerard, zouden jullie dus (wanneer je tenminste in Nederland belastingplichtig bent en in Frankrijk geen inkomen hebt) dezelfde rechten hebben als inwoners van Nederland. En wel omdat volgens het EHvJ er anders teveel inbreuk zou worden gemaakt op de vrijheid van personenverkeer, die een van de pijlers is van de EU. 

Ik begrijp dus niet zo goed waarom jullie zo'n brief hebben gekregen. Maar ik heb van de website van de VBNGB wel begrepen dat je je moet laten registreren als kwalificerend buitenlands belastingplichtige (KBB). Waarom weet ik niet, want het is gewoon EU-recht. En die 90% slaat ook nergens op. Maar ik zal Jan de Voogd vragen om hier even te willen reageren.

Reactie van Jan de Voogd op 6 November 2018 op 17.20
Wat de KBB regeling betreft: die houdt in dat buitenlandse belastingplichtigen (dus met enig inkomen uit Nederland) recht krijgen op de fiscale voordelen van Nederland, waaronder heffingskortingen, als ten minste 90% van hun wereldinkomen door Nederland belast wordt (of als ze geen belasting in hun woonland betalen). Geldt alleen voor inwoners van EU/EER/Zw. en BES-landen. Het 90% kriterium is EU-recht proof (al had Nedelrand dat ook lager kunnen stelleen, bijv. als Belgie doet: > 75%).

In de loonbelastingsfeer wordt het belastingdeel van de heffingskortingen aan buitenlands belastingplichtigen niet meer toegekend vanaf 2019, tenzij men kan aantonen dat men (zeer waarschijnlijk) wel KBB'er zal zijn in 2019 (bijv. als men het zonder gewijzigde omstandigheden in 2018 ook al was). Het belastingdeel van de arbeidskorting en IACK wordt wel toegekend omdat dit een brongebonden korting is, i.t.t. de andere heffingskortingen. Maar veel gepensioneerden komen niet voor die kortingen in aanmerking.

De woonlandfactoren voor berekening zorgbijdrage zijn voor veel landen m.i.v. 2019 veranderd, door invoering van een andere berekeningswijze en gebruikmaking van andere cijfers, namelijk van de WHO. VWS en CAK gaan die nieuwe berekeningswijze evalueren in 2019. De VBNGB zal dat ook doen.
Terugvorderen van een deel van de zorgbijdrage voor 2018 door (vermeende) te hoge woonlandfactor zal een antwoord eisen op de vraag welke gegevens VWS mocht en mag gebruiken voor de berekening ervan, en of daar verandering van het ene jaar op het andere mag worden aangebracht.
Zie ook nieuwsberichten op vbngb.eu Uiteraard zijn er meer factoren van invloed op de zorgbijdrage aan CAK te betalen. Die zijn te vinden in berichten over het Belastingplan 2019 en vanuit de begrotingen van SZW en VWS. Ook recent besproken op vbngb.eu
Reactie van Theodora Besse op 6 November 2018 op 19.04


Bedankt Jan, voor je snelle reactie.

Maar hoezo is de KBB-regeling "EU-recht proof"? Het EHvJ heeft toch in februari 2017 duidelijk uitgesproken dat wanneer een Nederlander in zijn woonland geen vergelijkbare belastingvoordelen kan verkrijgen, hij in Nederland recht heeft op dezelfde belastingvoordelen als inwoners van Nederland, mits zijn inkomen vanuit Nederland meer dan de helft bedraagt van zijn totale inkomen? Dat is dus meer dan 50% en niet meer dan 90% (en ook niet meer dan 75%).

En hoe kunnen ze plotseling voor 2019 de heffingskortingen voor buitenlandse belastingplichtigen zomaar afschaffen? Dat is toch in strijd met de vrijheid van personenverkeer, net als de zaak waarover het EHvJ in februari 2017 oordeelde?

Gerard, die hierboven reageerde, heeft 100% inkomen uit Nederland, is belastingplichtig in Nederland, en verliest toch de heffingskortingen, omdat hij nu in Frankrijk woont? Te gek voor woorden! Waar blijft dan de vrijheid van personenverkeer?

Reactie van Jan de Voogd op 6 November 2018 op 19.15

Het arrest Gschwind van het EHvJ keurde goed dat Duitsland voor "inkomen grotendeels door de (herkomst)staat Duitsland belast" uitlegde als : ten minste 90 % van het wereldinkomen.

 Het pro rata verdelen van fiscale voordelen in het arrest X was een bijzondere situatie: het woonland Spanje kan geen enkel fiscaal voordeel verlenen (er was geen inkomen in Spanje, slechts x  uit Zwitserland en y uit Nederland). Slechts in dat soort situaties moeten de fiscale voordelen pro rata door elk herkomstland worden toebedeeld. Dus die meneer kreeg van het EHvJ Y van de Nederlandse fiscale voordelen. Nederland legde het daarna weer wat anders (gunstiger) voor hem uit. Er komt een wetswijziging in de kbbregeling voor dit onderwerp. Maar het beginsel dat het woonland de fiscale voordelen als eerste moet toekennen blijft gehandhaafd.

Reactie van Piet van Wilpen op 6 November 2018 op 19.42

Zoals Jan terecht stelt, de vermeende te hoge woonlandfactor zal een antwoord eisen op de vraag welke gegevens VWS mocht en mag gebruiken.
Deze is m.i. verkrijgbaar met het indienen van een bezwaarschrift op de te verwachten afrekening in de loop van 2019, althans, als de factor 2018 niet gecorrigeerd wordt in die afrekening en dat is de verwachting. Als de argumentatie op het ingediende bezwaar onvoldoende antwoord geeft resteert het opvragen van de gehanteerde berekeningswijze en de onderliggende argumenten op basis van de Wet Openbaarheid van Bestuur.

Er zijn plm. 8700 verdragsgerechtigden in Frankrijk.
Ik kan me voorstellen dat het CAK ook niet zit te wachten om 8700 bezwaarschriften af te handelen volgens de daarvoor bepaalde regels ter afhandeling.
Maar het moet toch duidelijk worden gemaakt dat wij, verdragsgerechtigden, deze uiting van onbehoorlijk bestuur, want een andere kwalificatie heb ik niet, niet verder accepteren.


Reactie van Theodora Besse op 6 November 2018 op 21.18


Jan, dat is allemaal wel leuk, maar ten eerste ga je niet in op de rechtmatigheid van het afschaffen van de heffingskortingen en ten tweede speelde de zaak Gschwind in 1999, de zaak X in 2017. En in die laatste zaak is duidelijk bepaald dat de belastende lidstaat dezelfde belastingvoordelen moet verlenen aan alle EU-inwoners. Of het nu twee of tig landen zijn. Twee voorwaarden: in het woonland geen vergelijkbare belastingvoordelen kunnen krijgen én het grootste deel van het inkomen moet afkomstig zijn uit het land dat de belasting heft. Het EHvJ overweegt:

"... dat artikel 49 VWEU aldus moet worden uitgelegd dat het eraan in de weg staat dat een lidstaat waarvan de belastingwetgeving de aftrek van negatieve inkomsten uit een woning toestaat, het voordeel van die aftrek aan een niet-ingezeten zelfstandige weigert wanneer deze op het grondgebied van die lidstaat 60 % van zijn totale inkomen ontvangt en op het grondgebied van de lidstaat waar zijn woning is gelegen geen inkomen ontvangt op grond waarvan hij een gelijkwaardig recht op aftrek geldend kan maken."

Hier is dus sprake van slechts twee lidstaten (het woonland en het land waaruit de inkomsten afkomstig zijn). Met andere woorden: de belastende lidstaat moet dezelfde belastingvoordelen toekennen aan alle inwoners van de EU van wie het grootste deel van het inkomen uit de belastende staat komt (in het geval van X was dat 60%).

Pas in een latere overweging kwamen het meerlandenprobleem en de pro-rataverdeling tussen de lidstaten aan de orde, waaraan het EHvJ zijn goedkeuring gaf.

Iemand als Gerard, die belastingplichtig is in Nederland en 100% van zijn inkomen uit Nederland ontvangt, kan in zijn woonland helemaal geen fiscale voordelen genieten, omdat hij er geen belastbaar inkomen heeft. En toch krijgt hij een brief dat zijn heffingskortingen worden afgeschaft, alleen omdat hij naar Frankrijk is verhuisd. M.i. is dat in strijd met het fundamentele beginsel van de EU inzake vrijheid van personenverkeer. Ook de KBB-regeling met de 90%-eis is m.i. in strijd met de EHvJ-uitspraak in de zaak X. 

Hopelijk kun je daar nog even je zienswijze op leveren.
 

Reactie van Jan de Voogd op 6 November 2018 op 22.09

@Theodora

1. Wat betreft het arrest X citeer je niet de essentiële overweging van het EHvJ. En daar zijn wel degelijk drie staten in het geding: Spanje als woonstaat, en Nederland en Zwitserland waaruit het arbeidsinkomen komt. Die luidt als volgt:

49      Op de tweede vraag moet dan ook worden geantwoord dat het uit het antwoord op de eerste vraag voortvloeiende verbod geldt voor elke werklidstaat op het grondgebied waarvan een zelfstandige inkomen ontvangt op grond waarvan hij er een overeenkomstig recht op aftrek geldend kan maken, naar verhouding van het aandeel van dat inkomen dat de zelfstandige op het grondgebied van elk van de werklidstaten ontvangt. Daarbij is een „werklidstaat” iedere lidstaat die heffingsbevoegdheid heeft voor arbeidsinkomen dat door een niet-ingezetene op zijn grondgebied wordt ontvangen, ongeacht op welke plaats feitelijk arbeid wordt verricht.

Hier wordt dus het pro rata beginsel voor verdeling van de fiscale voordelen over de herkomst/werkstaten geïntroduceerd. Een veel gemaakte , ook door jou, fout is dat daarmee ook de verhouding tussen de toekenning van fiscale voordelen tussen woonstaat en herkomststaat bedoeld zou zijn. Dat is niet het geval. Het EHvJ houdt vast aan de Schumacker doctrine dat:

1. het in de eerste plaats aan de woonstaat is de geldende fiscale voordelen te verlenen

2. bij wijze van uitzondering dat echter aan de herkomststaat is, indien grotendeels het wereldinkomen aan heffing door de herkomststaat onderhevig is. Dat "grotendeels" is niet kwantitatief vastgelegd door het EHvJ, maar een percentage van minstens 90% wordt aanvaardbaar geacht.

3. Arrest X voegt hier alleen aan toe dat in geval van 2 het wereldinkomen uit meer dan 1 herkomststaat komt, de verplichting om de fiscale voordelen te verlenen verdeeld moet worden over die herkomststaten  naar de verhouding van de inkomens uit die herkomststaten. Een bijzonder geval dus dat slechts een nuancering geeft aan de Schumacker doctrine die ik hierboven (in 1 en 2) schetste.

Nederland heeft bij uitspraak Hoge Raad dit arrest X gevolgd. Maar er moet nog een wetswijziging in Nederland volgen aangezien dit bijzondere geval van inkomsten uit meerdere herkomststaten in de EU context niet in de wet zit. Die wetswijziging is aangekondigd. En zou gebruikt kunnen worden om nog meer aan de KBB regeling te veranderen. 

Wat betreft die heffingskortingen (alleen het belastingdeel) is de redenering , begrijpelijk , als volgt geweest. Alleen KBB'ers hebben recht op (belastingdelen in) heffingskortingen. Dus is het beter te voorkomen dat je ze eerst in de loonbelastingsfeer, dus bij maandelijkse toekenning door bijv. SVB, toekent en later weer in de inkomstenbelastingsfeer moet terughalen bij de belastingplichtige als belastingdienst, namelijk  als later blijkt dat iemand niet kwalificeert. M.a.w. het recht op die heffingskortingen blijft in de inkomstenbelasting bestaan, maar wordt dus pas bij aanslag ib geëffectueerd. Een uitzondering maakt men bij degenen die evident van jaar op jaar zullen kwalificeren. Dan kan bijv. op verzoek een voorlopige aanslag worden ingediend (vanaf 2019 dus) waarin dat kwalificeren verwerkt is, en dus heffingskortingen kunnen worden toegekend. Overigens zullen veel gepensioneerden wonend in Frankrijk met Nederlands pensioen niet kwalificeren, tenzij ze overheidspensioen hebben. Dit vanwege  het feit dat zowel AOW als bedrijfspensioenen voor belastingheffing bij verdrag aan Frankrijk zijn toegekend. 

Reactie van wilma peursum op 7 November 2018 op 14.02
Met belangstelling heb ik de bijdragen over dit onderwerp gelezen, met name over de AOW en belastingplicht. Wij wonen niet in Frankrijk, maar in Portugal (hebben 10 jaar in Frankrijk gewoond en overwegen weer terug te keren). Ook wij hebben een brief ontvangen van de SVB over de heffingen. Mijn man ontvangt een netto AOW met 100% partnertoeslag. Loonheffing en bijdrage Zvw zijn afgetrokken. Daarnaast een ABP pensioen uit openbaar onderwijs en verder hebben wij nog een kleine opbrengst uit B&B. Over de ABP is het helder, Nederland houdt daar belasting op in. Dit is geen 90% van het wereldinkomen. Volgens onze nederlandse boekhouder in Portugal betalen wij over de AOW en de b&b inkomsten belasting in Portugal.
Dat is niet mis, wij betalen hier ruim twee netto maanden AOW ( 3300 euro) inkomstenbelasting! Ik begrijp dan niet hoe Theodora en anderen een bruto AOW ontvangen en bovendien geen belasting in Frankrijk betalen.

Hieronder is plaats voor een reactie. Blijf bij het onderwerp. Wees constructief en vriendelijk. Uw kennis en ervaring worden op prijs gesteld.

Bent u de plaatser van dit bericht? Reageer dan ajb op de gegeven reacties en adviezen. Het kan geen kwaad om mensen te bedanken voor hun welgemeende reacties. Onze huisregels ...

Je moet lid zijn van www.nederlanders.fr om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van www.nederlanders.fr

ADRESBOEK

Google advertenties

© 2019   Gemaakt door: Anton Noë (beheerder).   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Privacybeleid  |  Algemene voorwaarden